- Rekeningen 30 tot 35: welke voorraden zijn betrokken?
- Voorraadwijzigingen: kost of opbrengst?
- Directe methode of dubbele boekingsmethode?
- Waardeverminderingen op voorraden: wanneer moet je ingrijpen?
BILLY, de nummer 1 alles-in-één oplossing voor zelfstandigen
Afspraak makenRekening 30: grondstoffen, voorraden en boekhoudkundige voorraadwijzigingen


In het kader van het boekhoudbeheer van een onderneming nemen de voorraden een centrale plaats in op de balans. Rekening 30 maakt deel uit van de klasse 3 van het MAR, gewijd aan voorraden en bestellingen in uitvoering. Inzicht in de werking ervan, en die van de bijbehorende rekeningen 31 tot 35, is onmisbaar om voorraadwijzigingen en waardeverminderingen correct te boeken.
- Rekening 30 registreert de grondstoffen tegen aanschaffingswaarde;
- De rekeningen van klasse 3 omvatten voorraden van 30 (grondstoffen) tot 37 (bestellingen in uitvoering);
- Voorraadwijzigingen worden geboekt via rekening 609 (kost) of 71x (opbrengst);
- Er bestaan twee methoden: de directe boeking en de dubbele boeking;
- Waardeverminderingen op voorraden verlopen via rekeningen 631 en 63x.
Rekeningen 30 tot 35: welke voorraden zijn betrokken?
De rekeningen van klasse 3 groeperen alle voorraden van een onderneming. Elke rekening stemt overeen met een duidelijk omschreven categorie.
| Rekening | Benaming |
|---|---|
| 30 | Grondstoffen |
| 31 | Benodigdheden en verbruiksgoederen |
| 32 | Goederen in bewerking |
| 33 | Gereed product |
| 34 | Handelsgoederen |
| 35 | Onroerende goederen bestemd voor verkoop |
| 36 | Vooruitbetalingen op aankopen voor voorraden |
| 37 | Bestellingen in uitvoering |
Elke rekening is onderverdeeld in twee subrekeningen. De subrekening die eindigt op 0 registreert de aanschaffingswaarde (bijv.: 300 voor grondstoffen). Die welke eindigt op 9 registreert de geboekte waardeverminderingen (bijv.: 309), met een creditsaldo.
Voorraadwijzigingen: kost of opbrengst?
De boeking van voorraadwijzigingen hangt af van de aard van de betrokken rekening. Je moet dus twee situaties onderscheiden.
Rekeningen 30, 31, 34 en 35: verwerking als kost
Deze voorraden zijn afkomstig van externe aankopen, bestemd om te worden verbruikt of doorverkocht zonder ingrijpende verwerking. De voorraadwijziging wordt geboekt via een rekening 609, m.a.w. een kostenrekening.
Op 31 december blijkt uit de inventaris een stijging van de grondstoffen (rekening 30) met 10.000 €. De beginvoorraad bedroeg 90.000 € en de eindvoorraad komt op 100.000 €.
Voorraadstijging (EV > BV):
| Rekeningnr. | Omschrijving | Debet | Credit |
|---|---|---|---|
| 3000 | Voorraden grondstoffen | 5 000 € | |
| 6090 | Wijzigingen in de voorraden grondstoffen | 5 000 € |
Als de voorraad daarentegen met 10.000 € gedaald was, zou je de boeking omdraaien. Voorraaddaling (EV < BV):
| Rekeningnr. | Omschrijving | Debet | Credit |
|---|---|---|---|
| 6090 | Voorraadwijzigingen grondstoffen | 5 000 € | |
| 3000 | Voorraad grondstoffen | 5 000 € |
Rekeningen 32, 33 en 37: verwerking als opbrengst
Deze voorraden vloeien voort uit de productieactiviteit van de onderneming. De voorraadwijziging wordt dan ook geboekt via een rekening van klasse 71, d.w.z. een opbrengstrekening:
- Rekening 712 voor onderhanden werk (rekening 32);
- Rekening 713 voor afgewerkte producten (rekening 33);
- Rekening 717 voor bestellingen in uitvoering (rekening 37).
Directe methode of dubbele boekingsmethode?
De CBN beveelt twee methoden aan voor het boeken van voorraadwijzigingen. Beide zijn aanvaard en leiden tot hetzelfde eindresultaat.
De directe methode: één enkele boeking
Je bepaalt eerst de richting van de wijziging en vervolgens maak je één boeking. Als de voorraad stijgt, debiteer je de voorraadrekening en crediteer je de wijzigingsrekening. Als de voorraad daalt, doe je het omgekeerde.
Deze methode is eenvoudig toe te passen. Ze is met name geschikt voor ondernemingen met weinig voorraadmutaties.
De dubbele boekingsmethode: altijd twee boekingen
Hier maak je altijd twee boekingen, ongeacht de richting van de wijziging. De eerste boeking brengt de voorraad op nul door de beginvoorraad af te sluiten. De tweede boeking registreert vervolgens de nieuwe eindvoorraad zoals die door de inventaris wordt vastgesteld.
Beginsaldo grondstoffen (rekening 30): 90.000 €. Eindvoorraad: 100.000 €.
Eerste boeking:
| Rekeningnr. | Omschrijving | Debet | Credit |
|---|---|---|---|
| 60900 | Wijzigingen in de voorraad grondstoffen (beginvoorraad) | 35 000 € | |
| 3000 | Voorraad grondstoffen | 35 000 € |
Tweede boeking:
| Rekeningnr. | Omschrijving | Debet | Credit |
|---|---|---|---|
| 3000 | Voorraden grondstoffen | 40 000 € | |
| 60901 | Voorraadwijzigingen grondstoffen (eindvoorraad) | 40 000 € |
Waardeverminderingen op voorraden: wanneer moet je ingrijpen?
Bij het afsluiten van het boekjaar moet de onderneming een waardevermindering boeken als de realisatiewaarde van een voorraad onder de aanschaffingswaarde zakt. Deze correctie vloeit voort uit het voorzichtigheidsbeginsel.
Hoe boek je een aanleg?
De waardevermindering wordt als kost geboekt via rekening 631. Als tegenboeking noteer je het bedrag op de subrekening eindigend op 9 van de betrokken voorraadrekening (bijv.: 309 voor grondstoffen). Deze subrekening heeft altijd een creditsaldo.
| Rekeningnr. | Omschrijving | Debet | Credit |
|---|---|---|---|
| 6310 | Toevoeging aan waardeverminderingen op voorraden | 5 000 € | |
| 309 | Geboekte waardeverminderingen op grondstoffen | 5 000 € |
Wanneer moet je een waardevermindering terugboeken?
Een waardevermindering mag alleen gehandhaafd worden zolang ze gerechtvaardigd is. Zodra dat niet meer het geval is, geheel of gedeeltelijk, moet de onderneming een terugneming uitvoeren. Die wordt gecrediteerd via rekening 6311 en gedebiteerd via de subrekening waardevermindering.
| Rekeningnr. | Omschrijving | Debet | Credit |
|---|---|---|---|
| 309 | Geboekte waardeverminderingen op grondstoffen | 10 000 € | |
| 6311 | Terugnemingen van waardeverminderingen op voorraden | 10 000 € |
Hoe vaak moet je voorraadwijzigingen boeken?
De CBN beveelt aan om niet te beperken tot één jaarlijkse verwerking. Voor ondernemingen waarvan de activiteit dit rechtvaardigt, is een maandelijkse opvolging meer aangewezen.
Twee praktische benaderingen
In de praktijk kiezen ondernemingen voor een van deze twee benaderingen. De eerste bestaat erin een permanente inventaris rechtstreeks in de algemene boekhouding bij te houden, met doorlopende of regelmatige registraties. De tweede bestaat erin de voorraden in de analytische boekhouding te beheren en de resultaten periodiek in de algemene boekhouding te integreren.
In beide gevallen moet de aansluiting tussen de algemene boekhouding en de administratieve voorraadopvolging gewaarborgd blijven. Dit is immers een essentiële voorwaarde opdat de boekhouding controleerbaar en betrouwbaar is.
Een goede kennis van rekening 30 en de volledige klasse 3 stelt je in staat betrouwbare en conforme financiële overzichten op te stellen. Wil je je boekhoudkundig beheer verder optimaliseren? Maak een gratis afspraak met onze experts, zij begeleiden je met plezier 💬

