In het kader van het MAR (Minimum Algemeen Rekeningenstelsel) dekt elke rekeningklasse een specifiek aspect van de economische werkelijkheid van een onderneming. De klasse 3-rekeningen groeperen de voorraden en de bestellingen in uitvoering. Ze zijn vooral relevant voor ondernemingen actief in de handel, de industrie of de vastgoedpromotie.

Samenvatting
  • De klasse 3-rekeningen omvatten voorraden en bestellingen in uitvoering;
  • Ze bevatten acht subklassen, van grondstoffen (rekening 30) tot bestellingen in uitvoering (rekening 37);
  • Deze rekeningen staan aan de activazijde van de balans als vlottende activa;
  • Een waardevermindering kan worden geboekt als de werkelijke waarde van een voorraad lager is dan de aanschaffingswaarde;
  • Vrije beroepen en consultants gebruiken deze klasse doorgaans niet in hun dagelijkse boekhouding.

 

Wat is klasse 3 van het MAR?

De klasse 3-rekeningen registreren alle goederen waarvan de onderneming eigenaar is en die deel uitmaken van haar bedrijfscyclus. Ze worden aangeduid als vlottende activa. Deze goederen kunnen worden verbruikt bij gebruik, als dusdanig worden verkocht (of na een eenvoudige verpakking), of worden verkocht na verwerking in een productieproces.

Concreet maakt het koninklijk besluit van 29 april 2019 een onderscheid tussen verschillende categorieën binnen deze klasse: bevoorradingen, afgewerkte producten, handelsgoederen en bestellingen in uitvoering. Elke categorie heeft afzonderlijke rekeningen in het MAR.

Goed om te weten
Klasse 3 omvat enkel de voorraden in technische zin, d.w.z. diegene die op de balans staan als activa. Voorraden in economische zin (besteld maar nog niet ontvangen, of verkocht maar nog niet geleverd) worden hier niet geboekt.

 

De acht subklassen van klasse 3

 

Rekening 30: grondstoffen

Grondstoffen zijn voorwerpen en stoffen die door de onderneming worden aangekocht om te worden verwerkt in de gefabriceerde of bewerkte producten. Ze zijn dus terug te vinden in het eindproduct. Bloem in brood of bakstenen in een constructie zijn hiervan concrete voorbeelden.

Rekening 31: hulpstoffen en verbruiksgoederen

Dit zijn voorwerpen of benodigdheden die worden aangekocht om de fabricage of de exploitatie te ondersteunen, zonder als dusdanig terug te keren in het eindproduct. Gist bij het bakken van brood of water bij de bouw van een huis illustreren deze categorie goed. Het onderscheid met rekening 34 (handelsgoederen) berust op hun rol in het productieproces.

Rekening 32: goederen in bewerking

Deze rekening registreert getransformeerde of gefabriceerde producten die het stadium van afgewerkte producten nog niet hebben bereikt. Ze zullen dit stadium pas in een volgend boekjaar bereiken. Deze categorie omvat ook halffabricaten die nog niet verkoopbaar zijn, zoals ongebakken brooddeeg of een voertuig dat nog in assemblage is.

Rekening 33: afgewerkte producten

Afgewerkte producten zijn producten die de onderneming zelf heeft geproduceerd en die klaar zijn om te worden verkocht. Het kan ook gaan om tussenproducten die klaar zijn voor een volgende productiecyclus. Brood uit de oven, een afgewerkt voertuig op het terrein van de fabrikant of een stalen baar uit een staalfabriek zijn typische voorbeelden.

Rekening 34: handelsgoederen

Deze rubriek omvat goederen die zijn aangekocht om ongewijzigd te worden doorverkocht, of na een beperkte verpakking. De onderneming voert in dit geval geen transformatie uit. Groenten en fruit in een voedingswinkel of voertuigen bij een concessiehouder illustreren deze rekening goed.

Voorbeeld

Een freelance consultant die pennen en papier koopt voor zijn kantoor, boekt deze in rekening 61 (diensten en diverse goederen), niet in klasse 3. Een drukkerij die papier aankoopt bestemd voor de productie, boekt deze voorraad daarentegen in rekening 31 (hulpstoffen en verbruiksgoederen).

 

Rekening 35: gebouwen bestemd voor verkoop

Deze rekening wordt gebruikt door vastgoedkantoren en vastgoedpromotoren. Je vindt er onder meer gronden voor verkaveling, gronden bestemd voor de bouw van gebouwen met het oog op doorverkoop, en gebouwen die voor de overdracht nog moeten worden verbouwd of gerestaureerd. Notariskosten, architectenhonoraria, kosten van de landmeter en registratierechten worden opgenomen in de aanschaffingswaarde. De algemene administratiekosten en verkoopkosten (promotiemateriaal, ontvangstkosten) worden daarentegen uitgesloten.

Rekening 36: vooruitbetalingen op aankopen voor voorraden

Vooruitbetalingen aan een leverancier voor de toekomstige aankoop van een voorraad worden hier opgenomen. Ze worden onderscheiden van de klassieke schulden en vorderingen. Zodra het goed is ontvangen, verrekent de onderneming de vooruitbetaling in de kostprijs van de betrokken voorraad en sluit ze rekening 36 af.

Rekening 37: bestellingen in uitvoering

Deze rekening registreert werken, producten of diensten die worden uitgevoerd in opdracht van derden, op basis van een bestelling, maar die de klant nog niet heeft aanvaard of ontvangen. Het sleutelelement blijft het bestaan van een voorafgaande bestelling: de klant valideert het product en de prijs vóór de start van het fabricage- of dienstverleningsproces. Gestandaardiseerde serieproducties zijn niet in deze rekening opgenomen.

Belangrijk
Bestellingen in uitvoering (rekening 37) hebben geen betrekking op gestandaardiseerde diensten in serie. Een accountant die elk kwartaal identieke btw-aangiften opstelt voor meerdere klanten, gebruikt deze rekening niet. Een architect die een project op maat uitvoert voor een klant, kan er daarentegen wel gebruik van maken.

 

Hoe waardeer je de voorraden van klasse 3?

WaarderingsmethodeOmschrijving
AanschaffingsprijsAankoopprijs + bijkomende aankoopkosten
KostprijsAanschaffingsprijs van de materialen + directe en indirecte productiekosten
FIFO (First In, First Out)De eerst ingekochte artikelen worden als eerste verkocht
Gewogen gemiddelde prijs (GGP)Gemiddelde van de inkoopkosten, gewogen op basis van de hoeveelheden

 

Als de realisatiewaarde van een voorraad daalt onder de aanschaffingswaarde, moet je een waardevermindering boeken. Je registreert deze in de subrekeningen die eindigen op 9 (309, 319, 329, enz.). Deze waardevermindering kan worden teruggenomen als de waarde in een volgend boekjaar herstelt.

Wist je dat?
In de BILLY-applicatie zijn de klasse 3-rekeningen vooraf geconfigureerd volgens de ITAA-nomenclatuur, die het MAR aanvult met extra subrekeningen. Je accountant kan ze aanpassen aan jouw activiteit, binnen het wettelijk kader.

Voor wie zijn de klasse 3-rekeningen bedoeld?

De klasse 3-rekeningen zijn hoofdzakelijk bestemd voor handels- en industriële vennootschappen en vastgoedpromotoren. Vrije beroepen (artsen, advocaten, consultants, kinesitherapeuten) gebruiken deze klasse doorgaans niet. Hun activiteit genereert geen voorraden.

Voor een zelfstandige natuurlijk persoon wiens jaarlijkse omzet niet hoger is dan 500.000 € excl. btw, volstaat een vereenvoudigde boekhouding. In dat geval zijn de klasse 3-rekeningen niet van toepassing. Zodra je actief bent als vennootschap (bv, nv), moet je de dubbele boekhouding en het volledige MAR respecteren.

De klasse 3-rekeningen spelen dus een belangrijke rol bij het opstellen van de jaarrekening. Een correcte waardering van je voorraden heeft een directe invloed op je bedrijfsresultaat en de presentatie van je balans.

 

Heb je vragen over de boekhoudkundige verwerking van je voorraden of over de structuur van het MAR afgestemd op jouw activiteit? Maak een (gratis) afspraak met onze experts, zij helpen je graag verder 💬