Als zelfstandige of bedrijfsleider heb je bij het voeren van je boekhouding ongetwijfeld al gehoord van het MAR. Dit Minimum Algemeen Rekeningenstelsel vormt de basis van elke Belgische boekhouding. Het structureert alle rekeningen die je dagelijks gebruikt. In dit artikel lees je wat het MAR is, hoe het is opgebouwd en wat elke klasse inhoudt.

Samenvatting
  • Het MAR is de officiële nomenclatuur van de rekeningen die worden gebruikt in de Belgische algemene boekhouding;
  • Het is opgebouwd uit 8 klassen, van klasse 0 tot klasse 7;
  • Klassen 1 tot 5 vormen de balansrekeningen, klassen 6 en 7 de resultatenrekeningen;
  • Klasse 0 groepeert de rechten en verbintenissen buiten de balans;
  • Elke klasse is onderverdeeld in subklassen en gedetailleerde rekeningen.

 

Wat is het MAR?

Het MAR (Minimum Algemeen Rekeningenstelsel) is een gestandaardiseerde nomenclatuur van de rekeningen die worden gebruikt in de algemene boekhouding in België. Het legt de structuur en de nummering vast van de rekeningen die elk bedrijf dat onderworpen is aan de dubbele boekhouding moet naleven.

De term “minimum algemeen” is belangrijk: het definieert een verplicht basiskader. Ondernemingen mogen bijkomende onderverdelingen toevoegen naargelang hun specifieke behoeften, maar mogen er niet van afwijken voor hun jaarrekening.

Goed om te weten
Dankzij het rekeningenstelsel zijn de rekeningen van alle Belgische vennootschappen op dezelfde manier gestructureerd. Download hier een versie van het Belgische MAR.

 

Algemene structuur van het MAR: de 8 klassen

Het MAR verdeelt alle rekeningen in 8 klassen, genummerd van 0 tot 7. Elke klasse groepeert rekeningen met dezelfde kenmerken.

CategorieKlasseOmschrijvingGebruikelijk saldo
Balansrekeningen1Eigen vermogen, voorzieningen, uitgestelde belastingen en schulden op meer dan één jaarCredit
Balansrekeningen2Oprichtingskosten, vaste activa en vorderingen op meer dan één jaarDebet
Balansrekeningen3Voorraden en bestellingen in uitvoeringDebet
Balansrekeningen4Vorderingen en schulden op ten hoogste één jaarDebet / Credit
Balansrekeningen49Overlopende rekeningenDebet / Credit
Balansrekeningen5Geldbeleggingen en liquide middelenDebet
Resultatenrekeningen6KostenDebet
Resultatenrekeningen7OpbrengstenCredit
Buiten balanstelling0Rekeningen van rechten en verbintenissen buiten balanstellingDebet / Credit

Klassen 8 en 9 worden niet gebruikt in de algemene boekhouding. Ze zijn voorbehouden voor de analytische of industriële boekhouding.

 

Klasse 1: eigen vermogen, voorzieningen en schulden op lange termijn

Klasse 1 groepeert de langetermijnmiddelen van de onderneming. Dit zijn middelen waarvan de opeisbaarheid contractueel stabiel is in de tijd.

De belangrijkste subklassen zijn:

  • subklasse 10: Kapitaal;
  • subklasse 11: Inbreng buiten kapitaal;
  • subklasse 12: Herwaarderingsmeerwaarden;
  • subklasse 13: Reserves;
  • subklasse 14: Overgedragen winst of overgedragen verlies;
  • subklasse 15: Kapitaalsubsidies;
  • subklasse 16: Voorzieningen en uitgestelde belastingen;
  • subklasse 17: Schulden op meer dan één jaar;
  • subklasse 19: Voorschotten aan vennoten op de verdeling van het netto-actief.

📝 Onthoud: de rekeningen van klasse 1 staan aan de passiefzijde van de balans. Hun saldo is normaal gezien crediteur.

 

Klasse 2: vaste activa en vorderingen op lange termijn

Klasse 2 omvat de duurzame aanwendingen van de onderneming, dat wil zeggen goederen en vorderingen met een gebruiksduur van meer dan één jaar.

  • subklasse 20: Oprichtingskosten;
  • subklasse 21: Immateriële vaste activa;
  • subklasse 22: Terreinen en gebouwen;
  • subklasse 23: Installaties, machines en uitrusting;
  • subklasse 24: Meubilair en rollend materieel;
  • subklasse 25: Vaste activa in leasing en soortgelijke rechten;
  • subklasse 26: Overige materiële vaste activa;
  • subklasse 27: Materiële vaste activa in uitvoering en vooruitbetalingen;
  • subklasse 28: Financiële vaste activa;
  • subklasse 29: Vorderingen op meer dan één jaar.
Onthoud
Vaste activa zijn goederen die de onderneming duurzaam behoudt voor haar activiteit. Ze worden progressief afgeschreven over hun gebruiksduur, met uitzondering van terreinen.

 

Klasse 3: voorraden en bestellingen in uitvoering

Klasse 3 groepeert de goederen die zijn aangekocht of geproduceerd in het kader van de gewone activiteit van de onderneming, met het oog op verwerking of doorverkoop.

  • subklasse 30: Grondstoffen;
  • subklasse 31: Benodigdheden en verbruiksgoederen;
  • subklasse 32: Goederen in bewerking;
  • subklasse 33: Gereed product;
  • subklasse 34: Handelsgoederen;
  • subklasse 35: Onroerende goederen bestemd voor verkoop;
  • subklasse 36: Vooruitbetalingen op aankopen voor voorraden;
  • subklasse 37: Bestellingen in uitvoering.

Deze klasse wordt voornamelijk gebruikt in de handels- en productiesectoren. Vrije beroepen en consultants maken er doorgaans geen gebruik van.

 

Klasse 4: vorderingen en schulden op korte termijn

Klasse 4 groepeert zowel de aanwendingen als de middelen op korte termijn, dat wil zeggen met een looptijd van minder dan één jaar. Dit is de meest actieve klasse in het dagelijkse gebruik: hier vind je onder meer de klanten- en leveranciersfacturen.

De aanwendingen (wat men je verschuldigd is):

  • subklasse 40: Handelsvorderingen;
  • subklasse 41: Overige vorderingen.

De middelen (wat je verschuldigd bent):

  • subklasse 42: Schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen;
  • subklasse 43: Financiële schulden;
  • subklasse 44: Handelsschulden;
  • subklasse 45: Fiscale, sociale en loonschulden;
  • subklasse 46: Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen;
  • subklasse 47: Schulden voortvloeiend uit de bestemming van het resultaat;
  • subklasse 48: Diverse schulden.
Voorbeeld

Je maakt een factuur van 5.000 € op voor een klant. Deze factuur wordt geregistreerd in subklasse 40 (handelsvordering) tot de betaling ervan. Eenmaal betaald, wordt de rekening afgesloten tegenover een thesaurierekening (klasse 5).

 

Klasse 5: geldbeleggingen en beschikbare waarden

Klasse 5 groepeert de zeer kortetermijnaanwendingen van de onderneming, ook wel actieve thesaurie genoemd. Je vindt er onder meer:

  • subklasse 50: Eigen aandelen;
  • subklasse 51: Aandelen, deelbewijzen en geldbeleggingen andere dan beleggingen met vaste inkomsten;
  • subklasse 52: Vastrentende effecten;
  • subklasse 53: Termijndeposito’s;
  • subklasse 54: Te innen waarden;
  • subklasse 55: Kredietinstellingen;
  • subklasse 57: Kassen;
  • subklasse 58: Interne overboekingen.

Rekening 550 (zichtrekening) is een van de meest gebruikte rekeningen in je dagelijkse boekhouding.

 

Klasse 6: kosten

Klasse 6 omvat alle kosten van de onderneming, ingedeeld volgens hun aard of herkomst. Deze rekeningen voeden de resultatenrekening.

  • subklasse 60: Benodigdheden en handelsgoederen;
  • subklasse 61: Diensten en diverse goederen;
  • subklasse 62: Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen;
  • subklasse 63: Afschrijvingen, waardeverminderingen en voorzieningen voor risico’s en kosten;
  • subklasse 64: Andere bedrijfskosten;
  • subklasse 65: Financiële kosten;
  • subklasse 66: Niet-recurrente bedrijfskosten en financiële kosten;
  • subklasse 67: Belastingen op het resultaat;
  • subklasse 68: Overdrachten naar uitgestelde belastingen en belastingvrije reserves;
  • subklasse 69: Bestemmingen en onttrekkingen.
Wist je dat?
Als zelfstandige natuurlijke persoon gebruik je subklasse 62 (bezoldigingen) niet voor je eigen inkomen. Je vergoeding wordt anders verwerkt, via de resultatenrekening en de aangifte in de personenbelasting (PB).

 

Klasse 7: opbrengsten

Klasse 7 groepeert alle opbrengsten die uit de bedrijfsactiviteit voortvloeien, ingedeeld volgens hun aard of herkomst. Hier vind je je omzet en andere inkomsten.

  • subklasse 70: Omzet;
  • subklasse 71: Wijziging in voorraden en bestellingen in uitvoering;
  • subklasse 72: Geproduceerde vaste activa;
  • subklasse 74: Andere bedrijfsopbrengsten;
  • subklasse 75: Financiële opbrengsten;
  • subklasse 76: Niet-recurrente bedrijfsopbrengsten en financiële opbrengsten;
  • subklasse 77: Regularisering van belastingen en terugneming van fiscale voorzieningen;
  • subklasse 78: Onttrekkingen aan belastingvrije reserves en uitgestelde belastingen;
  • subklasse 79: Bestemmingen en onttrekkingen.

💡 Tip: subklasse 73 wordt niet gebruikt in de boekhouding van vennootschappen. Ze is voorbehouden voor vzw’s voor bijdragen, giften, legaten en ontvangen subsidies.

 

Klasse 0: rechten en verbintenissen buiten de balans

Klasse 0 is vaak onbekend. Ze groepeert de rechten en verbintenissen die niet het voorwerp kunnen zijn van een klassieke boekhoudkundige schrijfwijze. Het gaat om juridische handelingen zonder directe materiële gevolgen.

  • subklasse 00: Garanties gesteld door derden voor rekening van de onderneming;
  • subklasse 01: Persoonlijke zekerheden gesteld voor rekening van derden;
  • subklasse 02: Zakelijke zekerheden op eigen activa;
  • subklasse 03: Ontvangen zekerheden;
  • subklasse 04: Goederen en waarden gehouden door derden in hun naam maar op risico en voor rekening van de onderneming;
  • subklasse 05: Verbintenissen tot verwerving en vervreemding van vaste activa;
  • subklasse 06: Termijncontracten;
  • subklasse 07: Goederen en waarden van derden gehouden door de onderneming;
  • subklasse 09: Diverse rechten en verbintenissen.

Deze rekeningen verschijnen in de toelichting bij de jaarrekening, maar niet in de balans noch in de resultatenrekening.

 

Kan je het MAR aanpassen aan je activiteit?

Het MAR legt een minimumkader vast, geen star kader. Je kunt er onderverdelingen aan toevoegen om je activiteit beter op te volgen. Dat is overigens wat ITAA (Institute for Tax Advisors and Accountants) aanbeveelt, dat een meer gedetailleerd rekeningenstelsel voorstelt.

In de praktijk past je accountant het MAR aan je situatie aan: aanmaken van subrekeningen per project, per afdeling of per type uitgave. Dat vergemakkelijkt de dagelijkse opvolging en het beheer zonder het wettelijk kader te verlaten.

Het MAR goed begrijpen betekent de logica van je boekhouding doorgronden en efficiënter communiceren met je accountant. Maak een gratis afspraak met onze experts, zij helpen je je boekhouding te structureren op basis van je activiteit 💬