In de boekhouding van een Belgische vennootschap nemen bepaalde duurzame investeringen een centrale plaats in op de balans. Rekening 23 van het MAR groepeert de installaties, machines en gereedschap: materiële vaste activa die de productieactiviteit rechtstreeks ondersteunen. Ze valt onder klasse 2 (vaste activa) en sluit aan bij de rekeningen voor terreinen, gebouwen en andere uitrusting. In dit artikel lees je wat rekening 23 machines gereedschap inhoudt, hoe je ze onderverdeelt en hoe je deze goederen correct boekt.

Samenvatting
  • Rekening 23 groepeert de installaties, machines en gereedschap die duurzaam in de activiteit worden gebruikt;
  • Het MAR voorziet geen verplichte onderverdeling: elke vennootschap organiseert haar subrekeningen vrij;
  • De geboekte waarde stemt overeen met de aanschaffingsprijs, de inbrengwaarde of de kostprijs;
  • Deze vaste activa moeten verplicht worden afgeschreven op basis van hun gebruiksduur;
  • Klein gereedschap onder 500 € excl. btw mag rechtstreeks als kost worden geboekt.

 

Wat bevat rekening 23 in het MAR?

Rekening 23 maakt deel uit van de materiële vaste activa van klasse 2. Ze groepeert drie afzonderlijke categorieën van duurzame beroepsgoederen.

 

Installaties: ondersteunende infrastructuur voor machines

Onder installaties verstaan we een geheel van elementen of inrichtingen die fysiek gescheiden kunnen worden, maar noodzakelijk blijven voor de werking van de machines. Concreet gaat het om beveiligingsinstallaties, elektrische cabines of loopkranen.

 

Machines: productie-uitrusting

Machines zijn professionele uitrustingen die actief betrokken zijn bij de productie, verwerking of verpakking van materialen of goederen. Denk bijvoorbeeld aan werktuigmachines of industriële verpakkingsmachines.

 

Gereedschap: instrumenten verbonden aan de productie

Gereedschap groepeert productieinstrumenten die worden gebruikt in combinatie met installaties of machines. Het gaat om werktuigen met een levensduur van meer dan één jaar. Een gereedschapsbank voor automonteurs is hiervan een typisch voorbeeld.

Goed om te weten
Verwar gereedschap (rekening 23) niet met klein gereedschap (kostenpost). Hamers, tangen of kniptangen, met een korte levensduur, worden rechtstreeks als kosten geboekt. In het algemeen geldt dat je het goed rechtstreeks als last kunt boeken.

 

Hoe verdeel je rekening 23 machines gereedschap onder?

Het MAR voorziet geen verplichte onderverdeling voor deze rekening. Elke vennootschap is vrij haar subrekeningen te organiseren op basis van haar eigen specificiteiten.

Het ITAA (Institute for Tax Advisors and Accountants) stelt echter een praktische indeling voor die door veel vennootschappen wordt overgenomen:

SubrekeningBenaming
230Technische installaties en machines
231Andere installaties
232Gereedschap
233Reserveonderdelen
234Reclame- of demonstratiemateriaal
235Recupereerbare verpakkingen

Deze onderverdeling is niet wettelijk verplicht, maar vergemakkelijkt de boekhouding en de presentatie van de jaarrekening aanzienlijk.

 

Welke waarde boek je op rekening 23?

Net als voor alle materiële vaste activa van klasse 2, boek je op rekening 23 machines gereedschap de beginwaarde, afhankelijk van de herkomst van het goed:

  • de aanschaffingsprijs voor een aangekocht goed (inclusief rechtstreekse bijkomende kosten);
  • de inbrengwaarde voor een goed dat werd ingebracht bij de oprichting of een kapitaalverhoging;
  • de kostprijs voor een goed dat door de vennootschap zelf werd geproduceerd.

 

Bijzonder geval: geactiveerde eigen productie

Sommige vennootschappen ontwikkelen intern hun eigen installaties of machines. In dat geval activeren ze eerst afzonderlijk de gemaakte kosten (inclusief eventuele onderzoeks- en ontwikkelingskosten). Zodra het proces is afgerond en de continue productie is gestart, worden deze kosten opgenomen in de kostprijs van de machine of installatie.

Voorbeeld

Een voedingsbedrijf ontwikkelt intern een op maat gemaakte verpakkingsmachine. De ontwikkelingskosten bedragen 18.000 € excl. btw. Deze kosten worden eerst geactiveerd als onderzoeks- en ontwikkelingskosten (rekening 21). Zodra de machine operationeel is, wordt het bedrag overgedragen en geboekt op rekening 23 tegen de totale kostprijs.

 

Afschrijvingen en waardeverminderingen: de verplichtingen

Installaties, machines en gereedschap hebben een beperkte gebruiksduur. Je vennootschap is dan ook verplicht ze systematisch af te schrijven.

 

Toepasselijke afschrijvingsmethoden

In België worden voornamelijk twee methoden gebruikt:

  • lineaire afschrijving: de waardevermindering wordt gelijkmatig gespreid over de gebruiksduur;
  • degressieve afschrijving: de waardevermindering is groter in de eerste jaren, wat de belastbare grondslag op korte termijn verlaagt. Deze methode is sinds 2025 opnieuw toegankelijk voor kmo’s.

 

Gebruikelijke afschrijvingsduren voor machines en gereedschap

De fiscale administratie legt geen vaste duur op, maar hanteert algemeen aanvaarde normen. Voor industriële machines en gereedschap ligt de gebruikelijke duur tussen 5 en 10 jaar. Wijk je daar aanzienlijk van af zonder solide economische rechtvaardiging, dan riskeer je een fiscale correctie.

Belangrijk
Sinds 2020 passen alle Belgische vennootschappen (ongeacht hun omvang) verplicht het prorata temporis-principe toe bij de eerste afschrijving. Concreet bereken je de afschrijving naar rato van het exacte aantal gebruiksdagen van het goed in het boekjaar. Voor zelfstandigen in eenmanszaak geldt deze regel niet.

 

Terugnemingen en waardeverminderingen

Wanneer een geboekte afschrijving of waardevermindering geheel of gedeeltelijk niet langer gerechtvaardigd is, moet je een terugneming boeken. Bij een uitzonderlijke gebeurtenis kan bovendien een niet-recurrente afschrijving of waardevermindering worden toegepast.

Voorbeeld

Een vennootschap koopt op 1 maart 2025 een industriële freesmachine voor 24.000 € excl. btw. Ze schrijft deze af over 8 jaar (tarief: 12,5%). De eerste afschrijving (prorata temporis) bestrijkt 306 dagen op 365, oftewel: 24.000 € × 12,5% × 306/365 = 2.516 €. Vanaf 2026 bedraagt de jaarlijkse annuïteit 3.000 € (24.000 € × 12,5%).

 

Bewegingen op rekening 23: debet en credit

De onderstaande tabel geeft een overzicht van de verrichtingen die rekening 23 installaties, machines en gereedschap in beweging brengen. In de praktijk zijn er twee soorten verrichtingen in het debet en twee in het credit:

DebetCredit
Aankoopwaarde of inbrengwaarde van de goederenVerkoop van de goederen
Waarde in geproduceerde vaste activaBuitengebruikstelling

Bij een verkoop boek je de eventuele meerwaarde afzonderlijk onder de uitzonderlijke opbrengsten. Bij een buitengebruikstelling boek je het niet-afgeschreven saldo als uitzonderlijke kost.

Een goed beheer van rekening 23 machines gereedschap betekent ook het vermijden van veelvoorkomende verwarringen met aangrenzende rekeningen. Rekening 24 omvat het meubilair en het rollend materieel (voertuigen, bureaumeubilair), terwijl rekening 26 de overige materiële vaste activa groepeert.

 

Heb je vragen over de boeking van je investeringen of de afschrijvingsduren die van toepassing zijn op jouw activiteit? Maak een (gratis) afspraak met onze experts, ze helpen je graag verder 💬