BILLY, de nummer 1 alles-in-één oplossing voor zelfstandigen
Afspraak makenRekening 26: andere materiële vaste activa in het MAR


Bij het boekhoudkundig beheer van een vennootschap vallen sommige goederen buiten de klassieke categorieën van vaste activa. Rekening 26 “andere materiële vaste activa” is daar specifiek voor bedoeld. Deze rekening behoort tot de klasse 2-rekeningen van het MAR en registreert materiële activa die geen deel uitmaken van de lopende bedrijfscyclus. Wie de werking ervan begrijpt, vermijdt classificatiefouten met mogelijke fiscale en boekhoudkundige gevolgen.
- Rekening 26 groepeert materiële vaste activa buiten de gewone bedrijfsvoering.
- Ze omvat onder meer vastgoedreserves, buiten gebruik gestelde activa en inrichtingskosten van gehuurde lokalen.
- Deze goederen moeten in principe worden afgeschreven en kunnen onder bepaalde voorwaarden worden herwaard.
- De waarderingsregels variëren naargelang het goed nog in gebruik is of niet.
- Een correcte classificatie voorkomt kostelijke herclassificaties bij de jaarlijkse inventaris.
Wat bevat rekening 26 andere materiële vaste activa?
Rekening 26 groepeert materiële goederen die tot het vermogen van de vennootschap behoren, maar zonder rechtstreeks verband met de dagelijkse bedrijfsvoering. Het koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (KB WVV) omschrijft de inhoud ervan nauwkeurig.
De activa waarop deze rubriek betrekking heeft
Verschillende categorieën activa vallen onder rekening 26:
- gebouwen aangehouden als vastgoedreserve (rekening 262);
- woningen ter beschikking gesteld van personeel of directie (rekening 261);
- buiten gebruik gestelde of uit de exploitatie teruggetrokken materiële vaste activa (rekening 265);
- onroerende en roerende goederen gegeven in erfpacht, opstal, handelshuur, pacht of verhuur;
- inrichtingskosten van gehuurde gebouwen, voor zover ze niet onmiddellijk als kosten zijn geboekt.
Uitzondering voor vennootschappen waarvan verhuur de hoofdactiviteit is
Wanneer verhuur, erfpacht of opstal de hoofdactiviteit of een belangrijke activiteit van de vennootschap vormt, worden de betrokken goederen niet onder rekening 26 geboekt. Ze worden dan opgenomen in de overeenkomstige rubrieken: terreinen en gebouwen (rekening 22), installaties, machines en uitrusting (rekening 23), of meubilair en rollend materieel (rekening 24).
Afschrijvingen en herwaardering: welke regels gelden?
De afschrijvingsbehandeling naargelang de aard van het goed
Het afschrijvingsregime dat van toepassing is op de andere materiële vaste activa hangt rechtstreeks af van de status van het goed.
Voor goederen die nog in gebruik zijn (vastgoedreserve, inrichtingskosten) blijft een reguliere afschrijving volgens een passend plan verplicht. De gebruiksduur van het goed bepaalt het toe te passen tarief.
Voor buiten gebruik gestelde vaste activa verandert de logica. Reguliere afschrijvingen zijn dan niet langer systematisch vereist. Een uitzonderlijke afschrijving kan echter noodzakelijk zijn als de vermoedelijke realisatiewaarde van het goed lager is dan de boekwaarde. Deze afschrijving moet bij elke jaarlijkse inventaris opnieuw worden beoordeeld zolang het goed in het vermogen blijft.
Herwaardering: mogelijk maar aan voorwaarden gebonden
Andere materiële vaste activa kunnen het voorwerp uitmaken van een herwaarderingsmeerwaarde, op voorwaarde dat de waarde van het goed op zekere en duurzame wijze hoger ligt dan de boekwaarde.
De Commissie voor Boekhoudkundige Normen (CBN) verduidelijkt in haar advies 2021/09 dat als de betrokken activa noodzakelijk zijn voor de voortzetting van de activiteit, de herwaardering slechts mogelijk is voor zover ze verantwoord is door de rentabiliteit van die activiteit.
Bewegingen op rekening 26: debet en credit
De onderstaande tabel geeft een overzicht van de verrichtingen die rekening 26 andere materiële vaste activa beïnvloeden.
| Debet | Credit |
|---|---|
| Verwerving of constructie buiten de bedrijfsuitoefening | Verkoop van het goed |
| Buitengebruikstelling van een bedrijfsgoed | Herbestemming van het goed voor de bedrijfsuitoefening |
| Gemaakte inrichtingskosten voor een gehuurd goed | Gehuurd goed door de verhuurder verworven bij het einde van de huur |
Wanneer een buiten gebruik gesteld goed opnieuw in de exploitatie wordt opgenomen, worden de bedragen geboekt op rekening 26 (aanschaffingswaarde en gecumuleerde afschrijvingen) overgedragen naar de hoofdrekening die overeenstemt met de aard van het goed.
Zoom op inrichtingskosten van gehuurde goederen
Werken uitgevoerd door een huurder in een gebouw waarvan hij geen eigenaar is, zijn een veelvoorkomend geval. Deze kosten worden geboekt op rekening 261 (inrichtingskosten van gehuurde goederen) en afgeschreven over de duur van de huurovereenkomst.
Bij het verstrijken van de huur doen zich twee situaties voor:
- Als de verhuurder een vergoeding betaalt aan de huurder, wordt op dat moment een meer- of minderwaarde geboekt.
- Als geen vergoeding is voorzien, worden de werken volledig ten laste genomen volgens het afschrijvingsplan en bij het verstrijken van het contract tegengeboekt.
Als de huurder het goed bij het einde van de huur in oorspronkelijke staat moet herstellen, moet in principe gedurende de hele huurperiode een voorziening worden aangelegd, overeenkomstig het voorzichtigheidsbeginsel.
Een bv ontvangt een factuur van 60 000 € excl. btw (btw 21%, medecontractantregeling) voor de inrichting van een handelspand gehuurd voor 5 jaar.
| Rekeningnr. | Omschrijving | Debet | Credit |
|---|---|---|---|
| 2610 | Inrichtingskosten van gehuurde goederen | 60 000 | |
| 4110 | Te recupereren btw | 12 600 | |
| 4513 | Te betalen btw (medecontractant) | 12 600 | |
| 4400 | Leveranciers | 60 000 |
De 60 000 € worden afgeschreven over 5 jaar, ofwel 12 000 € per jaar. Bij het verstrijken van de huur wordt het resterende saldo tegengeboekt als geen vergoeding wordt ontvangen.
Buitengebruikstelling van een bedrijfsgoed: hoe ga je te werk?
Een goed dat niet langer in de exploitatie wordt gebruikt, moet worden overgedragen van de overeenkomstige klasse 2-rekening naar rekening 26. Bij deze overdracht worden zowel de bruto aanschaffingswaarde als de gecumuleerde afschrijvingen op datum van buitengebruikstelling geboekt.
Een productiemachine (aanschaffingswaarde: 48 000 € excl. btw, gecumuleerde afschrijvingen: 30 000 €) wordt niet langer gebruikt en zal binnenkort worden verkocht.
| Rekeningnr. | Omschrijving | Debet | Credit |
|---|---|---|---|
| 2650 | Buiten gebruik gestelde vaste activa | 48 000 | |
| 2309 | Geboekte afschrijvingen op machines | 30 000 | |
| 2659 | Afschrijvingen op buiten gebruik gestelde vaste activa | 30 000 | |
| 2300 | Machines | 48 000 |
Na deze overdracht staat de machine bij de andere materiële vaste activa voor haar netto boekwaarde (18 000 €). Als de vermoedelijke realisatiewaarde lager ligt, is een aanvullende uitzonderlijke afschrijving vereist.
Heb je vragen over de classificatie van je activa of het beheer van je vaste activa? Maak een afspraak (gratis) met onze experts, zij helpen je om je boekhouding correct te structureren 💬

