In het kader van de BTW-verplichtingen stemt niet elke uitstroom van goederen uit een onderneming overeen met een klassieke verkoop. Toch brengen bepaalde situaties de verplichting met zich mee om BTW aan de Staat te storten: dit noemt men de BTW-onttrekking. Dit begrip, gedefinieerd in artikel 12 van het BTW-Wetboek, kadert binnen de ruimere BTW-handelingen die elke BTW-plichtige zelfstandige moet kennen.

Samenvatting
  • De BTW-onttrekking vindt plaats wanneer een belastingplichtige een roerend goed aan zijn onderneming onttrekt voor doeleinden die vreemd zijn aan zijn activiteit;
  • Ze wordt gelijkgesteld met een levering onder bezwarende titel: je stort de oorspronkelijk afgetrokken BTW terug aan de Staat;
  • Ze is van toepassing bij privégebruik, gratis schenkingen, zakelijke geschenken van aanzienlijke waarde en stopzetting van de activiteit;
  • De maatstaf van heffing is de waarde van het goed op het moment van de onttrekking, niet de oorspronkelijke aankoopprijs;
  • Ze verschilt van de BTW-herziening, die van toepassing is op investeringsgoederen gedurende een bepaalde periode.

 

Wat is een BTW-onttrekking?

Een BTW-onttrekking is de handeling waarbij een belastingplichtige een roerend goed aan zijn onderneming onttrekt zonder een gewone verkoop te verrichten. Het BTW-Wetboek stelt deze uitstroom gelijk aan een levering onder bezwarende titel. Je moet de BTW dus aan de Staat storten, alsof je het goed aan een derde verkoopt.

De logica is eenvoudig: bij de aankoop van het goed heb je de BTW afgetrokken. Als het goed de professionele sfeer verlaat zonder dat er BTW wordt geïnd, vordert de fiscale administratie de belasting terug. De BTW-onttrekking herstelt zo het evenwicht van het mechanisme.

Goed om te weten
De BTW-onttrekking is enkel van toepassing als je de BTW op de aankoop van het goed, minstens gedeeltelijk, hebt afgetrokken. Als je een goed hebt gekocht zonder BTW-aftrek (bijvoorbeeld onder de vrijstellingsregeling), is er geen onttrekking verschuldigd.

 

In welke gevallen is de BTW-onttrekking van toepassing?

Artikel 12 van het BTW-Wetboek omschrijft vijf situaties die een BTW-onttrekking teweegbrengen.

 

Privé- of buitenprofessioneel gebruik

Je onttrekt een roerend goed aan je onderneming voor je eigen behoeften of die van je personeel. Je beslist bijvoorbeeld een computer die aanvankelijk op het actief van je professionele activiteit stond, voor privégebruik te behouden. Je moet dan de BTW die je bij aankoop hebt afgetrokken, terugstorten aan de Staat.

 

Gratis schenking

Je geeft een goed aan een derde zonder financiële tegenprestatie. Er gelden echter twee uitzonderingen:

  • zakelijke geschenken waarvan de waarde niet meer bedraagt dan 50 € excl. btw per begunstigde per jaar;
  • commerciële stalen.

Buiten deze gevallen brengt de schenking een BTW-onttrekking met zich mee.

Voorbeeld

Een zelfstandig consultant schenkt een klant IT-apparatuur ter waarde van 350 € excl. btw, aangekocht met BTW-aftrek. Omdat de waarde de drempel van 50 € overschrijdt, moet hij een BTW-onttrekking verrichten en de belasting berekend op de waarde van het goed op het moment van de schenking afdragen.

 

Interne bestemmingswijziging

Je brengt een voorraadgoed over naar de investeringsgoederen binnen je onderneming. In dit geval geldt een bijzondere regeling: je stort en trekt de BTW gelijktijdig af. De handeling is financieel neutraal, maar verplicht. Ze doet namelijk de vijfjarige herzieningstermijn voor investeringsgoederen lopen.

 

Gebruik voor handelingen zonder recht op aftrek

Je gebruikt een goed dat aanvankelijk bestemd was voor je belastbare activiteit voor handelingen die geen volledig recht op aftrek geven. Een gemengde belastingplichtige gebruikt een productiemiddel bijvoorbeeld voor een vrijgestelde activiteit. In dat geval is een BTW-onttrekking verschuldigd ten belope van het niet-aftrekbare gedeelte.

 

Stopzetting van de activiteit

Bij het einde van je activiteit zijn de roerende goederen die nog aanwezig zijn in je onderneming en waarvoor je de BTW hebt afgetrokken, onderworpen aan een onttrekking. Het BTW-Wetboek beschouwt je als de goederen op de datum van stopzetting te hebben onttrokken. Je moet de overeenstemmende BTW terugstorten in je laatste periodieke aangifte.

Belangrijk
Bij stopzetting van de activiteit wordt de BTW-onttrekking toegepast op alle roerende goederen die je nog bezit, op basis van hun waarde op het moment van de stopzetting. Deze verplichting geldt ook als je in de laatste periode geen enkele verkoop hebt gerealiseerd.

 

Hoe bereken je de maatstaf van heffing voor de BTW-onttrekking?

De grondslag waarop je de verschuldigde BTW berekent, is niet de oorspronkelijke aankoopprijs. Je past het toepasselijke BTW-tarief toe op de waarde van het goed op het moment van de onttrekking, dat wil zeggen de venale waarde of de restwaarde op die datum.

Voor investeringsgoederen die worden onttrokken binnen de eerste vijf jaar na aankoop geldt een bijzondere regel. Je kunt gebruikmaken van het aftrekprorata dat als basis dient voor BTW-herzieningen, in plaats van de bruto venale waarde.

SituatieHeffingsgrondslagToepasselijk tarief
Privégebruik van een roerend goedVerkoopwaarde op het moment van de onttrekkingNormaal tarief van het goed
Schenking aan een derde (> 50 € excl. btw)Verkoopwaarde op het moment van de schenkingNormaal tarief van het goed
Stopzetting van activiteitRestwaarde op het moment van de stopzettingNormaal tarief van het goed
Investeringsgoed (< 5 jaar)Restwaarde via herzieningsprorataNormaal tarief van het goed

 

Voorbeeld

Een zelfstandige kocht twee jaar geleden een bestelwagen aan voor 20.000 € excl. btw en trok de BTW voor 100% af. Hij stopt zijn activiteit. De restwaarde van het voertuig wordt geraamd op 12.000 € op het moment van de stopzetting. Hij moet de BTW op deze restwaarde terugstorten, namelijk 12.000 € × 21% = 2.520 €.

 

BTW-onttrekking of BTW-herziening: wat is het verschil?

Beide mechanismen zijn bedoeld om de oorspronkelijk afgetrokken BTW te corrigeren, maar ze werken anders.

De BTW-onttrekking is van toepassing op roerende goederen in het algemeen, of het nu gaat om voorraad of materieel. Ze wordt gelijkgesteld met een verkoop: je berekent de BTW op de waarde van het goed en stort die aan de Staat. Ze geeft aanleiding tot een uitgaande handeling in je aangifte.

De BTW-herziening is uitsluitend van toepassing op investeringsgoederen. Ze heeft rechtstreeks betrekking op de oorspronkelijk afgetrokken BTW, zonder gebruik te maken van een venale waarde. Ze wordt gespreid over een periode: vijf jaar voor roerende investeringsgoederen, vijftien jaar voor onroerende goederen. Elk jaar van de periode kan een vijfde (of een vijftiende) van de aftrek worden teruggevorderd als de bestemming van het goed wijzigt.

Goed om te weten
De BTW-herziening is niet van toepassing op investeringsgoederen waarvan de waarde excl. btw lager is dan 1.000 €. Onder deze drempel kan enkel de BTW-onttrekking relevant zijn als het goed de professionele sfeer verlaat.

In de praktijk kunnen beide mechanismen tegelijkertijd spelen. Als je een investeringsgoed aan je onderneming onttrekt vóór het einde van de herzieningsperiode, is de BTW-onttrekking van toepassing op de restwaarde. Tegelijkertijd loopt de herziening voor de resterende jaren, tenzij de uitstroom van het goed een einde maakt aan die periode.

Voorbeelden

Een architect haalt een vergadertafel (aankoopwaarde 800 € excl. btw) uit zijn onderneming om die thuis te plaatsen. Omdat de waarde lager is dan 1.000 €, is er geen BTW-herziening verschuldigd. Er is wel een BTW-onttrekking van toepassing, omdat het goed de professionele sfeer verlaat en de BTW bij aankoop werd afgetrokken.

 

Hoe geef je een BTW-onttrekking aan?

De BTW-onttrekking wordt aangegeven in je periodieke BTW-aangifte via Intervat. Ze wordt behandeld als een gewone uitgaande handeling: je vermeldt de maatstaf van heffing in het rooster dat overeenkomt met het toepasselijke tarief (rooster [01] voor 6%, rooster [02] voor 12%, rooster [03] voor 21%), en de verschuldigde BTW in rooster [54].

Als de onttrekking plaatsvindt bij de stopzetting van je activiteit, vermeld je die in de laatste aangifte die je indient, samen met het formulier 604C.

 

Door het mechanisme van de BTW-onttrekking goed te beheersen, vermijd je onverwachte regularisaties bij een controle. Een goed beheer van je bedrijfsgoederen begint met een nauwgezette bijhouding van je tabel van investeringsgoederen en waakzaamheid bij elke bestemmingswijziging. Maak een (gratis) afspraak met onze experts, zij helpen je je BTW-verplichtingen correct na te komen 💬