Wanneer je een btw-regeling kiest die past bij je activiteit, biedt de landbouwsector een specifiek kader. De btw-regeling voor landbouw stelt exploitanten in staat hun verplichtingen op het vlak van de belasting over de toegevoegde waarde aanzienlijk te vereenvoudigen. Concreet ben je onder deze regeling vrijgesteld van het aanrekenen van btw aan klanten, het indienen van periodieke aangiften en het afdragen van btw aan de Staat. Let wel: de overheid schaft deze regeling geleidelijk af. Hier vind je alles wat je moet weten om deze regeling te begrijpen en de overgang voor te bereiden.

Samenvatting
  • De landbouw-btw-regeling is een forfaitaire regeling voorbehouden aan landbouwexploitanten, veetelers, bosbouwers en vissers;
  • Ze vrijstelt je van het aanrekenen van btw, het indienen van aangiften en het voeren van een volledige btw-boekhouding;
  • Btw-plichtige kopers betalen een forfaitaire compensatie van 6% aan de exploitant via een aankoopborderel;
  • Nieuwe toetreders kunnen deze regeling niet meer kiezen;
  • De definitieve afschaffing van de landbouw-btw-regeling vindt plaats op 1 januari 2028.

 

Wat is de landbouw-btw-regeling?

Het btw-wetboek (artikel 57) voorziet in een specifieke forfaitaire regeling voor de landbouwsector: de landbouw-btw-regeling. Deze regeling richt zich tot natuurlijke personen of groepen van natuurlijke personen die een activiteit uitoefenen in de landbouwproductie, veeteelt, bosbouw of visvangst.

Het principe is eenvoudig: de landbouwexploitant rekent geen btw aan zijn klanten aan en dient geen periodieke aangiften in. In ruil daarvoor recupereert hij ook geen btw op zijn beroepsaankopen. Om deze niet-aftrekbare btw te compenseren, bestaat er een forfaitair compensatiemechanisme.

 

Activiteiten die onder de regeling vallen

De regeling dekt een breed spectrum aan activiteiten in verband met landbouwexploitatie:

  • De teelt van granen, fruit, groenten, planten en bloemen;
  • Het houden van vee, pluimvee, konijnen en bijen;
  • Bosbouw (bosexploitatie);
  • Zoetwatervisserij en visteelt.

Daarnaast vallen ook landbouwdiensten onder de regeling. Het gaat onder meer om ploegen, maaien, dorsen of oogsten die de exploitant uitvoert met zijn eigen personeel en materieel.

Goed om te weten
Een exploitant die zijn eigen landbouwproducten verwerkt (kaas, boter, cider, enz.) behoudt het voordeel van de regeling, op voorwaarde dat deze verwerking een normaal verlengstuk vormt van de landbouwactiviteit.

 

Hoe werkt de forfaitaire compensatie?

Een exploitant onder de landbouw-btw-regeling trekt geen btw af op zijn aankopen. Om deze last te compenseren, betalen btw-plichtige kopers met recht op aftrek hem een forfaitaire compensatie van 6%, berekend op de aankoopprijs. In de praktijk gebeurt deze betaling via een document dat het “aankoopborderel” heet en dat de koper zelf opstelt.

 

Wie betaalt de compensatie en hoe?

De btw-plichtige koper stelt het aankoopborderel op en betaalt de forfaitaire compensatie aan de exploitant. De landbouwer houdt dit volledige bedrag, zonder het aan de Staat af te dragen. De koper op zijn beurt trekt dit bedrag af in zijn eigen btw-aangifte, alsof het om voorbelasting gaat.

Voorbeeld

Een landbouwer onder de landbouw-btw-regeling verkoopt 10 ton aardappelen aan 1 500 € per ton aan een supermarktketen. De koper stelt een aankoopborderel op van 15 900 € (15 000 € voor de goederen + 900 € forfaitaire btw aan 6%). Vervolgens recupereert de koper de 900 € in zijn btw-aangifte. De landbouwer behoudt het volledige bedrag van 15 900 € in zijn kas.

 

Wanneer de exploitant echter rechtstreeks verkoopt aan een particulier of aan een andere landbouwexploitant onder dezelfde regeling, betaalt niemand een forfaitaire compensatie. Aangezien de particulier geen btw-plichtige is, stelt hij geen aankoopborderel op.

 

Welke administratieve verplichtingen gelden voor de exploitant?

Een van de belangrijkste voordelen van de landbouw-btw-regeling is de administratieve vereenvoudiging. Concreet geniet de exploitant van belangrijke vrijstellingen ten opzichte van de normale regeling.

Eerst en vooral dient hij geen periodieke btw-aangiften in (maandelijks of driemaandelijks). Daarnaast stelt hij ook geen facturen op voor zijn leveringen van landbouwproducten. Het is namelijk de btw-plichtige koper die het aankoopborderel opstelt dat als factuur geldt.

De exploitant moet echter bepaalde documenten bewaren:

  • De aankoopborderellen ontvangen van zijn btw-plichtige klanten;
  • De facturen met betrekking tot zijn eigen aankopen;
  • Een register van investeringsgoederen.
Belangrijk
De landbouwexploitant behoudt een btw-identificatie. Hij beschikt dus over een ondernemingsnummer met een specifieke status als btw-plichtige onder de forfaitaire landbouwregeling. Deze identificatie blijft onmisbaar om de compensatie te ontvangen.

 

Wie kan de landbouw-btw-regeling genieten?

De regeling richt zich tot natuurlijke personen en groepen van natuurlijke personen (onverdeeldheden, feitelijke verenigingen). Vennootschappen in de zin van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen komen er niet voor in aanmerking.

 

Toegangsvoorwaarden

Om van de regeling te genieten, moet de exploitant een landbouwactiviteit uitoefenen in de zin van artikel 57 van het btw-wetboek. Meer bepaald moeten drie hoofdvoorwaarden vervuld zijn:

  • Effectief een activiteit uitoefenen van landbouwexploitatie, veeteelt, bosbouw of visvangst;
  • Niet vrijwillig gekozen hebben voor de normale btw-regeling;
  • Geen handelingen verrichten die van de regeling zijn uitgesloten (invoer, intracommunautaire verwervingen boven bepaalde drempels).

 

Gemengde activiteiten: welke regel geldt?

Als je zowel een landbouwactiviteit als een afzonderlijke commerciële activiteit uitoefent (bijvoorbeeld een boerderijwinkel), valt alleen het landbouwgedeelte onder de landbouw-btw-regeling. Je commerciële activiteit valt bijgevolg onder de normale regeling.

Voorbeeld

Een landbouwster teelt appels en heeft ook een winkel waar ze confituur en sap verkoopt die ze bij derden heeft aangekocht. In dat geval valt de verkoop van haar eigen appels onder de landbouw-btw-regeling. De doorverkoop van producten die door derden werden verwerkt, valt daarentegen onder de normale regeling, met de verplichting om btw aan te rekenen en aangiften in te dienen.

 

Afschaffing van de landbouw-btw-regeling: wat verandert er?

⚠️ De overheid schaft de forfaitaire regeling voor landbouwers geleidelijk af. Geen enkele nieuwe exploitant kan dus nog voor deze regeling kiezen. De definitieve afschaffing vindt plaats op 1 januari 2028.

 

Wat gebeurt er met exploitanten die nog onder deze regeling vallen?

Exploitanten die nog genieten van de landbouw-btw-regeling kunnen deze blijven toepassen tot de afschaffingsdatum. Vanaf 1 januari 2028 zullen alle landbouwexploitanten echter moeten overstappen naar een andere btw-regeling: de normale regeling of, als ze aan de voorwaarden voldoen, de btw-vrijstelling.

 

Gevolgen van de overstap naar de normale regeling

De overgang van een regeling zonder aftrek naar een regeling met aftrek brengt herzieningen met zich mee. Met andere woorden: de exploitant kan een deel van de btw recupereren op investeringsgoederen die op het moment van de wijziging nog bestaan, in verhouding tot de resterende gebruiksduur. Binnen de btw hebben investeringen een theoretische duur van 5 jaar (15 jaar voor gebouwen).

Voorbeeld

Een exploitant koopt in 2025 een tractor voor 50 000 € met 10 500 € btw (21%). Hij stapt in 2028 over naar de normale regeling. De administratie telt het volledige aankoopjaar mee en houdt geen rekening met het overgangsjaar. De tractor heeft dus 3 jaar gefunctioneerd zonder aftrek (2025, 2026, 2027) en zal 2 jaar functioneren onder een regeling met aftrek. De exploitant recupereert zo 10 500 € × 2/5 = 4 200 €.

 

Omgekeerd moet de exploitant bij de overgang naar een regeling zonder aftrek een deel van de reeds gerecupereerde btw op de voorraadgoederen en de nog bestaande investeringsgoederen terugstorten aan de Staat.

Tips
Anticipeer de overgang nu al. Maak samen met je boekhouder de balans op van je recente investeringen en je voorraad om de financiële impact van de overstap naar de normale regeling of de btw-vrijstelling te beoordelen.

 

Landbouw-btw-regeling en intracommunautaire handel

Exploitanten onder de forfaitaire landbouwregeling genieten van een drempel voor hun intracommunautaire verwervingen. Zolang deze verwervingen niet meer dan 11 200 € per jaar bedragen, blijft de btw verschuldigd in het land van herkomst.

Zodra de exploitant deze drempel overschrijdt, moet hij echter de Belgische btw voldoen op zijn intracommunautaire verwervingen. Hij kan dan verplicht zijn een bijzondere aangifte in te dienen. Voor intracommunautaire leveringen (verkopen aan klanten in andere EU-landen) gelden de gebruikelijke vrijstellingsregels, op voorwaarde dat de koper over een geldig btw-nummer in zijn land beschikt.

De landbouw-btw-regeling biedt dus een vereenvoudigd kader dat is afgestemd op de realiteit van de primaire sector. Ook al verdwijnt ze in 2028, het blijft essentieel om haar werking te begrijpen om de overgang zo goed mogelijk voor te bereiden.

 

Heb je advies nodig over de landbouw-btw-regeling en de komende overgang? Maak een (gratis) afspraak met onze experts, zij helpen je graag verder 💬