- Wat zijn onroerende inkomsten?
- Het kadastraal inkomen: gemeenschappelijke berekeningsbasis voor beide belastingen
- PB: hoe worden onroerende inkomsten belast?
- De onroerende voorheffing: een afzonderlijke gewestelijke belasting
BILLY, de nummer 1 alles-in-één oplossing voor zelfstandigen
Afspraak makenEigenaar in België: belastingen op uw onroerende inkomsten?


Ben je eigenaar van een onroerend goed? Dan ben je onderworpen aan twee afzonderlijke belastingen, die vaak door elkaar worden gehaald: de personenbelasting (PB) op onroerende inkomsten en de onroerende voorheffing die je elk jaar aan het Gewest verschuldigd bent. In het kader van je PB vormen onroerende inkomsten een volwaardige categorie. Als je beide mechanismen begrijpt, kun je je werkelijke belastingdruk beter inschatten.
- Onroerende inkomsten in de PB omvatten alle goederen waarvan je eigenaar, vruchtgebruiker of erfpachter bent, ongeacht of ze verhuurd zijn of niet;
- De belastbare grondslag in de PB hangt af van het gebruik van het goed: kadastraal inkomen voor niet-verhuurde goederen of goederen verhuurd voor privégebruik, werkelijke huur voor goederen verhuurd voor professioneel gebruik;
- De onroerende voorheffing is een afzonderlijke gewestelijke belasting, elk jaar verschuldigd op al je goederen, ongeacht de verhuurstatus;
- Deze twee belastingen stapelen zich op: wie een goed bezit, wordt met beide tegelijk geconfronteerd;
Wat zijn onroerende inkomsten?
Een onroerend inkomen is het inkomen dat de fiscale administratie toekent aan elk onroerend goed waarvan je eigenaar, vruchtgebruiker, erfpachter of opstalhouder bent. Deze definitie is ruimer dan ze op het eerste gezicht lijkt.
Een onbebouwde grond, een tweede verblijf of een opbrengsteigendom vallen dus onder deze categorie, zelfs als ze niet verhuurd zijn. In de praktijk bestaan er twee grote categorieën onroerende inkomsten. Enerzijds goederen die niet verhuurd zijn of verhuurd worden voor privégebruik. Anderzijds goederen die verhuurd worden voor professionele doeleinden.
Het Belgisch recht onderscheidt vier hoedanigheden die onroerende inkomsten kunnen genereren: eigenaar, vruchtgebruiker, erfpachter en opstalhouder. Als je een goed in een van deze vormen bezit, ben je onderworpen aan deze belasting.
Het kadastraal inkomen: gemeenschappelijke berekeningsbasis voor beide belastingen
Het kadastraal inkomen (KI) is het overkoepelende begrip dat aan de basis ligt van beide onroerende belastingen. Het dient als grondslag voor zowel de PB als de onroerende voorheffing, al gebruikt elk systeem het op een andere manier.
De fiscale administratie stelt het KI vast op basis van een geschatte huurwaarde per 1 januari 1975. Dit bedrag komt dus niet overeen met de huidige marktwaarde van het goed. Om rekening te houden met de inflatie wordt het KI elk jaar vermenigvuldigd met een indexatiecoëfficiënt.
De indexatiecoëfficiënt van het KI varieert elk jaar. Voor het inkomstenjaar 2026 (aanslagjaar 2027) bedraagt hij 2,3. Deze coëfficiënt wordt jaarlijks gepubliceerd door de FOD Financiën.
Concreet bereken je het geïndexeerd KI door het niet-geïndexeerd KI (dat vermeld staat in de kadastrale documenten) te vermenigvuldigen met deze coëfficiënt. Dit geïndexeerd KI dient als grondslag voor de PB. Voor de onroerende voorheffing gebruiken sommige Gewesten het niet-geïndexeerd KI als vertrekpunt voor de berekening.
PB: hoe worden onroerende inkomsten belast?
In de PB varieert de berekeningsbasis naargelang het gebruik van het goed. Dit centrale punt bepaalt je werkelijke belastingdruk.
Niet-verhuurde goederen of goederen verhuurd voor privégebruik: het kadastraal inkomen
Voor goederen die verhuurd worden aan particulieren voor privégebruik of die niet verhuurd zijn, geldt het geïndexeerd KI als berekeningsbasis. Voor bebouwde onroerende goederen wordt daar nog een verhoging van 40% bij opgeteld. Deze basis wordt vervolgens opgenomen in de globale berekening van de PB.
Je eigen woning geniet een gunstige regeling: het KI ervan is vrijgesteld van federale belasting. Het maakt dus geen deel uit van de belastbare grondslag van je onroerende inkomsten.
Goederen verhuurd voor professioneel gebruik: de werkelijke huurinkomsten
Als je huurder het goed voor professionele doeleinden gebruikt (kantoor, kabinet, atelier), wijzigt de belastbare grondslag ingrijpend. In dat geval vormt de werkelijk ontvangen huur (huur en huurvoordelen) het vertrekpunt. Je kunt een kostenforfait van 40% aftrekken, begrensd tot een jaarlijks vastgesteld bedrag. Dit forfait dekt het onderhoud, de herstellingen en de leningsrente.
Voorbeeld
Sophie is eigenaar van een appartement met een geïndexeerd KI van 1.200 €. Ze verhuurt het aan een consultant die er zijn kantoor inricht.
Jaarlijkse ontvangen huur: 12.000 €. Huurvoordelen (teruggevorderde kosten): 1.000 €. Bruto grondslag: 13.000 €. Kostenforfait (40%): 5.200 €. Netto belastbaar inkomen: 7.800 €.
Als Sophie had verhuurd aan een particulier voor privégebruik, zou alleen het geïndexeerd KI verhoogd met 40% als grondslag zijn gehanteerd, namelijk ongeveer 1.680 €.
Het onderscheid tussen privégebruik en professioneel gebruik door de huurder is dus doorslaggevend. Het kan het belastbaar bedrag aanzienlijk doen variëren.
Huurinkomsten: bijzondere situaties
Huurinkomsten kunnen zeer uiteenlopende vormen aannemen. Elk geval volgt specifieke fiscale regels: gemeubeld verhuur, kortetermijnverhuur, onderverhuur, of inkomsten uit een in het buitenland gelegen onroerend goed.
De onroerende voorheffing: een afzonderlijke gewestelijke belasting
De onroerende voorheffing is een gewestelijke belasting die elke eigenaar jaarlijks betaalt, onafhankelijk van de PB. Ze hangt niet af van je inkomsten, maar van het loutere bezit van het goed.
Wie betaalt ze en op welke basis?
Elke eigenaar, vruchtgebruiker of erfpachter van een in België gelegen onroerend goed is de onroerende voorheffing verschuldigd. Dit omvat ook je eigen woning, in tegenstelling tot de PB.
De berekeningsbasis is het KI, waarop het Gewest een tarief toepast, aangevuld met provinciale en gemeentelijke opcentiemen. Het bedrag varieert dus naargelang de ligging van het goed.
Onroerende voorheffing en PB: twee belastingen die zich opstapelen
Dit is iets wat veel mensen niet weten bij een eerste aankoop van onroerend goed. Deze twee belastingen zijn onafhankelijk van elkaar en stapelen zich systematisch op.
| PB | Onroerende voorheffing | |
|---|---|---|
| Aard | Federale inkomstenbelasting | Gewestelijke belasting op het bezit |
| Grondslag | Geïndexeerd KI (± verhoging) of werkelijke huurprijs | Niet-geïndexeerd KI |
| Eigen woning | Vrijgesteld | Belast |
| Frequentie | Jaarlijks (aangifte PB) | Jaarlijks (aanslagbiljet) |
De onroerende voorheffing kan in bepaalde gevallen worden verminderd: een gebouw dat minstens 90 dagen geen inkomsten opbrengt, een beschadigd goed, een bescheiden woning in bepaalde Gewesten, of gezinsleden ten laste. Deze verminderingen worden op aanvraag toegekend door de gewestelijke administratie.
Onroerende inkomsten en PB-aangifte: waar vermeld je ze?
In je belastingaangifte geef je onroerende inkomsten aan in vak III. Daar vermeld je het KI van elk goed, de situatie ervan (verhuurd voor privégebruik, verhuurd voor professioneel gebruik, ter beschikking gesteld) en, indien van toepassing, de ontvangen huren.
Vak III is onderverdeeld in meerdere rubrieken naargelang de aard van het goed en het gebruik ervan. Het correct invullen ervan voorkomt rectificaties of verzoeken om bijkomende informatie van de administratie.
Als een gebouw toebehoort aan een vennootschap, zijn de inkomsten die het genereert onderworpen aan de Ven.B. en niet aan de PB. De belastingregels zijn dus volledig anders. De onroerende voorheffing blijft echter op dezelfde manier verschuldigd: ze is van toepassing op elke eigenaar, of het nu een natuurlijke persoon of een vennootschap betreft.
Een goed inzicht in je onroerende inkomsten stelt je in staat je globale situatie te optimaliseren. Onze experten staan klaar om je vermogen en je aangifte samen met jou door te nemen. Maak een afspraak (gratis) met onze experten, ze helpen je graag verder. 💬


